Alverzoening
|
 |
Er is enige onrust in evangelisch Nederland over de vraag of er een eeuwige straf in de hel is voor ongelovigen en of er dus een eeuwige verlorenheid is voor deze mensen. Anders gezegd:
1. Is er of geen straf in de hel?
2. Als er straf is in de hel is die dan tijdelijk of echt eeuwig?
3. Komen eens alle mensen in de hemel, ook zij die als ongelovigen gestorven zijn.
4. Als eens alle mensen behouden worden, worden satan en de demonen dan ook eens behouden?
|
Enkele begrippen
1. De leer van de alverzoening:
De leer van de alverzoening is dat iedereen eenmaal behouden wordt. Deze leer is al heel oud. Telkens keert deze leer terug en zijn er weer mensen die menen een geweldige ontdekking gedaan te hebben. Het zijn dan mensen die een paar kreten uit de Griekse taal geleerd hebben en nu ineens menen dat zij het wiel uitgevonden hebben. Hun leer grijpt terug tot de eerste eeuwen van onze jaartelling, toen Origenes - een man die in onze evangelische geloofsbeleving beslist geen voorbeeld voor ons geweest is - deze leer propageerde. Origenes had wel meer vreemde ideeën.
Overigens hoort bij de leer van de alverzoening ook de vraag of satan en de demonen ook eens behouden zullen worden.
2. De leer van de particuliere verzoening:
Deze leer staat tegenover de leer van de alverzoening en leert, dat alleen zij die door God uitverkoren zijn en in Jezus geloven in de hemel komen. Dit is de leer waarin je in feite geen eigen keuze kunt maken tot je behoud, maar waarin je moet afwachten of God je kiest om in Zijn hemel binnengelaten te worden. Deze leer kom je voor een groot deel tegen in streng reformatorische (Calvinistische) kerken.
3. De leer van de algemene verzoening:
De uitdrukking lijkt een beetje op die van de alverzoening, maar staat er mijlenver vandaan. Het is de leer, dat het heil door God aan alle mensen wordt aangeboden en dat zij allemaal zijn uitgenodigd om behouden te worden. Alleen zij die zelf op Zijn roepstem ingaan en in de Here Jezus geloven zijn behouden. Dit is de leer die over het algemeen door evangelische gelovigen beleden wordt.
De alverzoening laat weer van zich horen
Er is al geruime tijd een gemeente in Rotterdam die de alverzoening leert.
Er zijn boeken waarin de alverzoening geleerd wordt, o.a. van dr. Bullinger.
Enige tijd geleden kwam Andries Knevel in het blad Uitdaging met de vraag of de hel wel eeuwig was. Zo’n vraag stellen is in zekere zin hem ook beantwoorden. Er zou dus weleens geen eeuwigdurende hel kunnen zijn.
Vervolgens was het Wim Hoogendijk , lid van de kerk van de Nazarener en medewerker bij Near East Ministry (NEM), die in augustus 2008 op een bijeenkomst voor jongeren (Xnoizz Flevo Festival in Bussloo bij Apeldoorn) propageerde, dat er geen eeuwige straf is. Hij gelooft wel dat er een hel is, maar hij gelooft niet dat de straf in de hel eeuwig is. Die is tijdelijk, zo meent hij.
Wim Hoogendijk heeft een - waarschijnlijk voor hem opmerkelijke gedachte - bekend gemaakt, maar heeft niet de Bijbelse boodschap correct weergegeven. Hij weet dat het Bijbelse woord voor eeuwig in de Griekse taal een periode betekent. Nu trekt hij de conclusie dat de eeuwigheid van de hel ook een tijdelijke periode is. Dat is immers de letterlijke uitleg van het woord! Het is een tijdelijke straf.
Hij ziet de hel als een plaats van loutering, waar ongelovigen van hun ongeloof bevrijd worden en waaruit zij gereinigd naar de hemel kunnen gaan. Zo hebben hij en de zijnen dan hun evangelische vagevuur!
Leert de Bijbel dat eenmaal allen behouden worden?
Wim Hoogendijk zegt, dat de Bijbel duidelijk leert, dat er een moment zal komen waarop alle mensen zullen belijden dat Jezus hun “Heer” is. Dan zijn zij dus behouden, zo zegt hij. Hij noemt hierbij als bewijs de volgende teksten:
“Daarom heeft God Hem hoog verheven en Hem de Naam geschonken die elke naam te boven gaat, opdat in de Naam van Jezus elke knie zich zal buigen, in de hemel, op de aarde en onder de aarde, en elke tong zal belijden: ‘Jezus Christus is Heer, ‘tot eer van God, de Vader.” (Philippenzen 2:9-11)
Inderdaad zullen eens de zielen onder de aarde moeten erkennen, dat Jezus “Heer” is, maar daarbij wordt niet gezegd, dat zij nu ook behouden in de hemel komen.
De volgende tekst die hij noemt eveneens als bewijs:
“Kortom, zoals de overtreding van één enkel mens ertoe heeft geleid dat allen werden veroordeeld, zo zal de rechtvaardigheid van één enkel mens ertoe leiden dat allen worden vrijgesproken en daardoor zullen leven.” (Romeinen 5:18)
“Allen” is de vertaling van het Griekse woord “pas”. Betekent het echter altijd “echt iedereen?”
In Joël 2:28 wordt het volgende gezegd: “Daarna zal zich dit voltrekken: Ik (God) zal Mijn Geest uitgieten over al wat leeft. Jullie zonen en dochters zullen profeteren, oude mensen zullen dromen dromen, en jongeren zullen visioenen zien...” God zegt hier, dat Hij Zijn Geest (in het komende Messiaanse rijk) zal uitgieten over “al wat leeft”. Als “al” echt absoluut alles is, zal God Zijn Geest ook over de heidenen, over de bomen en de bloemetjes uitgieten... Er is echter niemand die dit Bijbels kan onderbouwen. God zal Zijn Geest alleen uitstorten op allen uit het volk Israël. Met “al wat leeft” wordt dus wat anders bedoeld, dan je ervan kunt maken.
Zie ook de volgende teksten:
“...en ook uit alle andere landen kwamen de mensen naar Egypte om bij Jozef graan te kopen; zo erg was de hongersnood overal.” (Genesis 41:57) Kwamen de mensen echt uit alle landen?
NBG: “En de gehele wereld kwam naar Egypte om bij Jozef koren te kopen, want de honger was sterk op de gehele aarde.” (Genesis 41:57) Kwam echt de hele wereld naar Egypte?
“... dat zijzelf (Artemis), die in heel Asia en
in de hele wereld wordt vereerd, van haar luister zal worden beroofd.”
“...zij (Artemis), die door geheel Asia en de ganse wereld als godin wordt vereerd.” (Handelingen 19:27) Echt in de hele wereld?
“Het is ons gebleken dat deze man (Paulus) een ware pest is en dat hij
overal ter wereld onlusten onder de Joden veroorzaakt. Als een van de voornaamste leiders van de sekte van de Nazoreeërs.” (Handelingen 24:5)
NBG: “Want wij hebben gevonden, dat deze man een pest is, iemand, die opstanden verwekt onder alle Joden over de ganse wereld, een eerste voorstander van de secte der Nazoreeers.”
Echt bij alle Joden en echt in de hele wereld?
“Allereerst dank ik door Jezus Christus mijn God voor u allen,
omdat er in de hele wereld over uw geloof gesproken wordt.”
NBG: “In de eerste plaats dank ik mijn God door Jezus Christus over u allen, omdat in de gehele wereld van uw geloof gesproken wordt.” (Romeinen 1:8)
Wordt er echt in de hele wereld over gesproken?
“Alle inwoners van Judea en Jeruzalem stroomden toe en lieten zich door hem (Johannes de Doper) dopen in de rivier de Jordaan, terwijl ze hun zonden beleden.” (Marcus 1:5)
NBG: “En het gehele Joodse land liep tot hem uit en alle inwoners van Jeruzalem, en zij lieten zich door hem dopen in de rivier de Jordaan onder belijdenis van hun zonden.” Denkt u dat echt alle mensen uit heel Judea en Jeruzalem bij Johannes gekomen waren en dat zij echt allemaal door hem gedoopt werden? Ook alle Romeinse soldaten in Jeruzalem en alle leden van het Sanhedrin en alle priesters en levieten?
Nog een paar teksten die Hoogendijk noemt:
“en door Hem en voor Hem alles met Zich willen verzoenen, alles op aarde en alles in de hemel, door vrede te brengen met Zijn bloed aan het kruis.” (Colossenzen 1:20) Hierna (bij de teksten uit het boek Openbaring) zal worden aangetoond, dat deze tekst niet kan betekenen dat eens alle mensen en ook de satan (want die valt immers ook onder het woordje “alles”) behouden zullen worden.
“...Dat is goed en welgevallig in de ogen van God, onze redder, die wil dat alle mensen worden gered en de waarheid leren kennen.” (1 Timotheus 2:4)
Bij deze tekst zegt Wim Hoogendijk, “dat het Gods wil is dat alle mensen behouden worden, dus kunnen we moeilijk zeggen, dat dit niet het geval is”. Wim Hoogendijk zegt dan haast de godslasterlijke woorden: “Als God Zijn eigen wil niet kan waarmaken, is Hij in feite een zondaar. Zonde betekent namelijk: je doel missen. Gods einddoel is dat alle mensen uiteindelijk zullen zeggen: ‘Here Jezus, U bent mijn Heer.’” Ik griezel en huiver als ik zoiets lees. Alleen al het feit dat je oppert dat God een zondaar zou kunnen zijn, roept bij mij de gedachte op, dat Wim Hoogendijk weinig of geen idee heeft van de heiligheid van God.
Mijn eerste gedachte bij deze woorden van Wim Hoogendijk verplaatsten mij naar de Hof van Eden, waar God tegen Adam en Eva gezegd had, dat Hij niet wilde, dat zij van die ene boom zouden eten. Gods wil was duidelijk. Maar wat God wilde, gebeurde niet. De mens had een vrije wil en verkoos om God niet te gehoorzamen!
Als God iets wil gebeurt het dan ook altijd, of betekent het willen van God, dat het een verlangen van Hem is, maar dat de mens een vrije wil heeft en dat de mens zelf bepaalt of hij zich houdt aan de wil van God?
De Bijbel laat duidelijk zien, dat de mens een vrije wil heeft en dat hij zelf kan kiezen of hij Gods wil aanvaardt of afwijst.
Wij geven een paar voorbeelden:
“Ook zei Hij (God) tegen Mozes: ‘Zeg tegen hen: “De HEER heeft mij gestuurd, de God van uw voorouders, de God van Abraham, de God van Isaak en de God van Jakob. En Hij heeft gezegd: ‘Zo wil Ik voor altijd heten, met die Naam wil Ik worden aangeroepen door alle komende generaties.’” (Exodus 3:15)
NBG: “Voorts zei God tot Mozes: Aldus zult gij tot de Israëlieten zeggen: De HERE, de God uwer vaderen, de God van Abraham, de God van Isaak en de God van Jakob, heeft mij tot u gezonden; dit is Mijn Naam voor eeuwig en zo wil Ik aangeroepen worden van geslacht tot geslacht.”
Denkt u dat gebeurde wat God hier wilde?
David bad: “Uw wil te doen, mijn God, verlang ik, diep in mij koester ik Uw wet.” (Psalm 40:8)
NBG: “...ik heb lust om Uw wil te doen, mijn God, Uw wet is in mijn binnenste.”
David kende Gods wil. Hij kende Gods geboden. Denkt u dat David altijd gedaan heeft wat God wilde? Heeft David zich altijd aan Gods geboden gehouden? U hoeft alleen maar aan de geschiedenis van David en Bathseba te denken en u weet het antwoord. Hield David zich echt altijd aan Gods wil?
Diezelfde vragen kunnen wij bij de volgende teksten in de NBG stellen:
“Leer mij Uw wil te doen, want Gij zijt mijn God, Uw goede Geest geleide mij in een effen land.” (Psalm 143:10)
“En wordt niet gelijkvormig aan deze wereld, maar wordt hervormd door de vernieuwing van uw denken, opdat gij moogt erkennen wat de wil van God is, het goede, welgevallige en volkomene.” (Romeinen 12:2)
“Want dit wil God: uw heiliging, dat gij u onthoudt van de hoererij.” (1 Thessalonicenzen 4:3)
“Want zo is het de wil van God, dat gij door goed te doen de mond snoert aan de onwetendheid van de onverstandige mensen.” (1 Petrus 2:15)
“...om niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God de tijd, die nog rest in het vlees, te leven.” (1 Petrus 4:2)
Hier hebt u een aantal teksten die allemaal spreken over de wil van God, terwijl iedereen weet dat de mensen die Gods wil moesten doen, dit niet deden.
Er is verschil in uitleg als het gaat om het woord “willen”
1. Er is een absolute wil van God, die - hoe dan ook - geschieden zal.
2. Er is een aan omstandigheden verbonden wil van God, die het best vertaald kan worden met het woord “verlangen”. Het betekent, dat God niets liever wil, dan dat alle mensen behouden worden. Maar daarom worden ze nog niet allemaal behouden.
Eeuwig en eeuwig
Het Griekse woord aioon betekent gewoon “periode”, “eeuw”. Zo wordt het komende Messiaanse rijk een eeuwigdurend rijk genoemd. Het boek Openbaring (hoofdstuk 20) maakt duidelijk, dat met dit “eeuwig” van het Messiaanse vrederijk een periode van 1000 jaar bedoeld wordt.
Maar - en nu komt het - de Bijbel maakt onderscheid tussen eeuwig als een bepaalde periode en eeuwig waaraan nooit een eind komt.
Het eerste voorbeeld:
“Christus, onze Heer, Hem behoort de luister, de majesteit, de kracht en de macht, vóór alle eeuwigheid, nu en tot in alle eeuwigheid. Amen.” (Judas 1:25)
Hier staat in het Grieks, dat het is tot in alle aionen, tot in alle eeuwen. Niet slechts één of enkele aionen, maar alle aionen, alle eeuwen. Dat is de hele eeuwigheid. De NBG spreekt daarom terecht over alle eeuwigheden!
Het tweede voorbeeld:
“...die een koninkrijk uit ons gevormd heeft en ons heeft gemaakt tot priesters voor God, zijn Vader–aan Hem komt de eer toe en de macht, tot in eeuwigheid. Amen.” (Openbaring 1:6)
In het Grieks staat hier dat het is “tot in de aionen van de aionen”. In onze vertaling heet dit: “tot in de eeuwen van de eeuwen.” Dat betekent: de hele eeuwigheid en niet slechts een bepaalde periode.
Als dit “eeuwig” nu eens niet echt de hele eeuwigheid betekent, zoals de alverzoening leert? Wat is dan de consequentie voor de gelovigen?
“Het zal er geen nacht meer zijn en het licht van een lamp of het licht van de zon hebben ze niet nodig, want God, de Heer, zal hun licht zijn. En zij zullen als koningen heersen tot in eeuwigheid.” (Openbaring 22:5)
NBG: “En er zal geen nacht meer zijn en zij hebben geen licht van een lamp of licht der zon van node, want de Here God zal hen verlichten en zij zullen als koningen heersen in alle eeuwigheden.” Terecht wordt hier gezegd dat het zal zijn in
alle eeuwigheden. Grieks: “de aionen van de aionen”, dat is: “de eeuwen van de eeuwen”.
NB: “Nacht zal er niet meer zijn, en zij hebben licht van de kandelaar en licht van de zon niet nodig: de Heer God zal over hen lichten en zij zullen als koningen heersen tot in de eeuwen der eeuwen.” (Openbaring 22:5)
Hier gaat het over het eeuwig heil van de gelovigen. Dit heil duurt - zoals het Grieks zegt - tot in de aionen van de aionen, tot in de eeuwen van de eeuwen, dat is de hele eeuwigheid. Als de alverzoening gelijk zou hebben, “dat eeuwig niet eeuwig is”, moet ons eeuwig heil ook niet eeuwig duren, maar slechts een bepaalde periode. Het zou dan weleens net zo lang kunnen duren als de eeuwige verlorenheid van de ongelovigen. Als de “eeuwige” heerlijkheid voor de gelovigen eindigt, eindigt dan ook de “eeuwige” hel voor de ongelovigen? Komen dan de ongelovigen in de hemel in de plaats van de gelovigen? Hoe lang blijven de nieuwe hemelbewoners dan in de hemel en waar blijven de ex-hemelbewoners?
De Bijbel laat ons zien, dat in de eeuwigheid de kinderen van God op de nieuwe aarde zullen wonen. Als dat slechts tijdelijk is, wat gebeurt er dan met hen als die periode eindigt?
In het Hebreeuws komen wij hetzelfde tegen:
“‘Geprezen zij de naam van God, van eeuwigheid tot eeuwigheid, want hij bezit wijsheid en kracht.” (Daniël 2:20)
“Daarna zullen de heiligen van de hoogste God het koningschap ontvangen, en zij zullen het koningschap altijd behouden–voor eeuwig en altijd.” (Daniël 7:18)
Het Hebreeuwse woord voor eeuwig is olam. In deze laatste tekst staat een prachtige bewoording in het Hebreeuws: “De heiligen van het koninkrijk van de Allerhoogste zullen ontvangen en bezitten het koninkrijk olam, ja, olam van olam.” Dat wil zeggen: dat er nooit een eind aan zal komen. Olam betekent niet slechts een periode, maar echt eeuwig. De NBV geeft het mooi en goed weer.
Van enkele van deze teksten geven wij de letterlijke vertaling, zoals de Naardense Bijbel hem geeft:
“En de zevende engel blies de bazuin, en grote stemmen geschiedden in de hemel, roepend: geschied is het koningschap over de wereld van onze Heer en zijn Gezalfde; en Hij zal als koning heersen
tot in de eeuwen der eeuwen!” (Openbaring 11:15) Als Hij als Koning zal heersen in de gehele eeuwigheid heeft Hij ook in de gehele eeuwigheid Zijn volk bij Zich. Dat kan toch niet anders? Dan is de eeuwige behoudenis echt eeuwig. Waarom zou de eeuwige verlorenheid dan iets anders zijn?
En de ongelovigen in de hel?
“...en de rook van hun kwelling blijft opstijgen tot in de eeuwen der eeuwen; dag en nacht hebben zij geen rust, zij die het beest en zijn beeld aanbidden, en al wie het merkteken van zijn naam aanneemt!” (Openbaring 14:11) De ongelovigen worden in de eeuwen van de eeuwen, dat is in alle eeuwigheid, gekweld.
En de duivel?
“En de duivel, die hen misleidde, werd geworpen in de poel van vuur en zwavel, waar ook het beest en de leugenprofeet is, en zij zullen gekweld worden dag en nacht
tot in de eeuwen der eeuwen.” (Openbaring 20:10) Ook de duivel wordt de aionen van de aionen gekweld, dus ook in alle eeuwigheden. Aan alle eeuwigheden komt nooit een eind.
Troost
Wat voor de ongelovigen een afschuwelijke toekomst is, betekent voor de gelovigen een heerlijke toekomst. Voor de gelovigen wacht een ongekend leven in de heerlijkheid van God.
Als iemand vraagt of wij het dan niet vreselijk vinden, dat de straf voor de ongelovigen en ongehoorzamen en onrechtvaardigen zo vreselijk zwaar is, kunnen wij beamen dat wij het vreselijk vinden. We moeten ons wel realiseren, dat niet wij die straf bedacht hebben, maar dat God dit gedaan heeft. Hij is absoluut rechtvaardig en weet wat Hij doet en waarom Hij zoiets doet. God vindt het klaarblijkelijk rechtvaardig en Hij weet wat Hij doet.
|