Het levenseinde van Elia en Elisa

2 Koningen 2

Hier eindigt het werk en het leven van Elia de profeet en wordt het overgenomen door zijn leerling Elisa.


Afscheidstournee

Het lijkt erop, dat Elia een afscheidstournee maakt langs een aantal bijzondere plaatsen, maar ook langs een aantal bijzondere mensen.  
Eerst naar Gilgal. Hier stonden de twaalf stenen, die als herinnering aan de doortocht door de Jordaan neergezet waren. Iedere stam had een steen neergelegd, opdat de toekomstige generaties zouden zien, wat God voor het volk gedaan had. Nu was het volk verdeeld. Twee stammen tegenover tien stammen. Het spreekt ons van de verdeeldheid de je ook zo vaak onder christenen opmerkt. Ieder wil zijn eigen wil doorzetten. Mensen willen niet meer buigen voor het Goddelijk gezag, dat door de Heer aan de leiding van de gemeenten opgedragen is. Mensen willen zelf beslissen en doen wat zij zelf willen. Zo ontstaat verdeeldheid en raken mensen elkaar kwijt.

Daar waar mensen elkaar kwijt raken, is dit niet het gevolg van de heilige invloed van Gods Geest, maar van de ongeestelijke houding die gelovigen aan de dag leggen. Er zijn helaas veel onheilige en ongeestelijke gelovigen, die echter een heel hoge dunk van zichzelf hebben en menen, dat ze erg geestelijk zijn. Het is allemaal namaak, surrogaat, nep. Waar mensen zich echt door de Heilige Geest willen laten leiden, zijn zij ootmoedig en gehoorzaam en hebben zij geleerd, dat niet hun haan koning moet kraaien, maar dat zij de minste moeten zijn.

Gilgal was de plaats waar alle mannen besneden werden. Hier kregen zij het teken, dat de kwade neiging uit hun hart verwijderd was en dat ze nu met een hart dat door God geleid werd Hem zouden volgen en dienen. Het is een les, die voor velen in onze tijd ook belangrijk is om te leren!

Hier werd de tabernakel voor het eerst in het beloofde land neergezet. Hier moesten zij leren om dicht bij God te blijven, ook al zouden ze kort hierna over het hele land verspreid gaan wonen.

Op deze plaats zei Elia tegen Elisa: blijf jij maar hier. Dit lijkt een beproeving te zijn geweest voor Elisa. Elisa blijft echter bij zijn meester. Opnieuw een belangrijke les. Mensen willen tegenwoordig zelf uitmaken wat Bijbels en wat niet-Bijbels is. We moeten leren, bij onze leermeesters te blijven om door hen onderwezen te worden. Elisa zei: "Er is geen denken aan dat ik u alleen laat gaan."

Naar Bethel

Vervolgens gingen zij naar Bethel. De eerste ontmoeting die zij daar hebben is met de daar wonende profeten. Bethel was een heilige plaats sinds Jakob daar zijn Godservaring had gehad. Het is het huis van God en de poort naar de hemel, zoals Jakob deze plaats genoemd had.

Het is nu ook een plaats waar een gouden kalf vereerd wordt. Maar juist daar heeft God Zijn profeten. In het Hebreeuws heten zij "profetenzonen". Hier was een studiecentrum waar jonge mannen opgeleid werden in de kennis van Gods Woord. Deze profeten waren geen toekomstvoorzeggers, maar uitleggers van Gods Woord. Daarom moesten zij hard studeren. Hier waren de leerling profeten zó gehoorzaam aan hun leermeesters, dat ze profetenzonen genoemd werden. Deze mannen hadden les gehad van Elia en van andere profeten. Ze hadden zowel Schrift kennis van hem geleerd als ook waren zij in hun karakter door hem gevormd.

Deze leerling profeten deden niet aan zelfstudie. Zij bekwaamden zich niet met eigen wijsheid, waarbij zij ervan uitgingen, dat zij zelf wel konden bepalen wat de betekenis van Gods woorden waren. Nee, ze luisterden naar hun leermeester en leerden van hem. Dat moeten wij weer van deze mannen leren. Niet menen, dat wij zelf wel kunnen bepalen en uitmaken, wat de betekenis van Gods boodschap is, maar luisteren naar de leraars.

Ze hadden nu ook een bijzondere gave van God ontvangen, waardoor ze wisten wat er ging gebeuren.

In deze tijd had Elia in verschillende steden van het land profetenscholen, waar jonge mannen in opleiding waren om verkondigers te worden van het Woord van God. Daarom reisde Elia langs de steden in het land om overal de studenten les te geven. Alleen Elisa bleef steeds bij hem en reisde met hem mee door het land.

Over deze profetenscholen en zonen der profeten lezen we in de S.V. het volgende:

1Kon 20:35 Toen zeide een man uit de zonen der profeten tot zijn naaste, door het woord des HEEREN: sla mij toch. En de man weigerde hem te slaan.

2Kon 2:3 Toen gingen de zonen der profeten, die te Bethel waren, tot Elisa uit, en zeiden tot hem: weet gij, dat de HEERE heden uw heer van uw hoofd wegnemen zal? En hij zeide: ik weet het ook wel, zwijgt gij stil.

2Kon 2:5 Toen traden de zonen der profeten, die te Jericho waren, naar Elisa toe, en zeiden tot hem: weet gij, dat de HEERE heden uw heer van uw hoofd wegnemen zal? En hij zeide: ik weet het ook wel, zwijgt gij stil.

2Kon 2:7 En vijftig mannen van de zonen der profeten gingen henen, en stonden tegenover van verre; en die beiden stonden aan de Jordaan.

2Kon 4:1 Een vrouw nu uit de vrouwen van de zonen der profeten riep tot Elisa, zeggende: uw knecht, mijn man, is gestorven, en gij weet, dat uw knecht den HEERE was vrezende; nu is de schuldheer gekomen, om mijn beide kinderen voor zich tot knechten te nemen.

2Kon 4:38 Als nu Elisa weder te Gilgal kwam, zo was er honger in dat land, en de zonen der profeten zaten voor zijn aangezicht; en hij zeide tot zijn jongen: zet den groten pot aan, en zied moes voor de zonen der profeten.

2Kon 5:22 En hij zeide: het is wel; mijn heer heeft mij gezonden, om te zeggen: zie, nu straks zijn tot mij twee jongelingen uit de zonen der profeten, van het gebergte van Efraim gekomen; geef hun toch een talent zilver en twee wisselklederen.

2Kon 9:1 Toen riep de profeet Elisa een van de zonen der profeten, en hij zeide tot hem: gord uw lenden, en neem deze oliekruik in uw hand, en ga heen naar Ramoth in Gilead.

Naar Jericho

In Jericho was indertijd een engel van God aan Jozua verschenen. Deze engel had hem Gods bescherming beloofd, overal waar hij zou gaan in het land Kanaän.

Jericho lag tegenover de berg Pisga, aan de andere kant van de Jordaan. Hier had Mozes gestaan toen hij het land bekeek.

Hier was opnieuw een profeten school. Deze jonge mannen hadden zoveel eerbied voor de man Gods, dat zij op enige afstand van hem bleven staan. Zo toonden zij hun respect voor hem. (:7)

Een bijzonder geschenk

Elia realiseert zich blijkbaar dat zijn vertrek een groot gemis en verdriet voor Elisa zal betekenen. Daarom wil hij hem nog een aandenken geven tot troost. Elisa heeft een bijzonder verzoek: een dubbel deel van de geest van Elia. Wat bedoelde hij?

Sommigen denken, dat hij bedoelde, dat hij twee keer zoveel wonderen wilde doen als Elia gedaan had.

Elia had acht wonderen gedaan of meegemaakt: vijf in de privé-sfeer en drie in het openbaar.

In de privé-sfeer:
1. Toen hij zich verborg werd hij gevoed door de raven.
2. Bij de weduwe van Zarfath bleven meel en olie steeds in voorraad.
3. Toen de zoon van de weduwe overleed, bracht Elia hem terug in het leven.
4. In de woestijn kreeg hij brood en water van een engel.
5. Vervolgens kon hij veertig dagen en nachten leven zonder voedsel.
Van nr. 1,4,5 was alleen Elia zelf getuige.
Van nr. 2,3 waren ook de weduwe en haar zoon getuigen.

In het openbaar:
6. Het regende niet meer nadat Elia dit aangekondigd had.
7. Het vuur van God kwam neer op het altaar van Elia op de Karmel.
8. Het verteren van de 50 soldaten van Ahazia, die hem gevangen kwamen nemen (2 Koningen 1). Deze soldaten kwamen namens de goddeloze koning Ahazia, de zoon en opvolger van Achab. Hij was een man, die geen enkele eerbied had voor God en Zijn dienaren. God wil, dat Zijn dienaren met respect behandeld worden. Waar dit niet gebeurt, kan God op een vreselijke manier straffen. Zie de straf voor Korach, Dathan en Abiram. Zie de straf voor Mirjam en Aäron toen zij in opstand gekomen waren tegen Mozes. Zie nu de straf die deze soldaten krijgen. Zie de straf die later zal komen voor de zogenaamde "knapen" van Bethel, als zij Elisa belachelijk maken: ze worden allemaal gedood.

Vrome mensen zijn gehoorzame mensen

Enkele voorbeelden uit de Bijbel:
"De HEER zelf heeft hen verstrooid, Hij ziet niet langer naar hen om. Voor de priesters bestaat geen eerbied meer, voor de oudsten geen ontzag." (Klaagliederen 4:16)

"Aanvaard elkaars gezag uit eerbied voor Christus." (Ephese 5:21)

"Wij vragen u, broeders en zusters, diegenen onder u te erkennen die zich op gezag van de Heer ervoor inzetten u te leiden en terecht te wijzen. U moet hun om hun werk veel liefde en respect betonen. Leef in vrede met elkaar." (1 Thessalonicenzen 5:12,13)

"En u, jongeren, moet van uw kant het gezag van de oudsten erkennen. Overigens, in de omgang met elkaar moet ieder van u altijd de minste willen zijn, want God keert Zich tegen hoogmoedigen, maar aan nederigen schenkt Hij Zijn genade." (1 Petrus 5:5)

Met vuur naar de hemel

Elia was de man van het vuur. Vuur op de Karmel en vuur op de berg waar de 50 soldaten omkwamen. Nu ging hij ook nog eens met vuur naar de hemel! Het is het beeld van het vuur dat Israëls vijanden zal verteren en Israël zelf van Godswege zal beschermen.

Elisa spreekt Elia opnieuw aan als "mijn vader". Hij was niet een lichamelijke vader van hem, maar een geestelijke vader. Ook al was het geestelijk, hij zag hem wel als zijn "vader" en wist, dat hij hem daarom eerbied en gehoorzaamheid verschuldigd was. Zo is het ook in de gemeente van de Heer.

De mantel bleef achter

De mantel was het beeld van de profetie, zoals wij eerder bij één van de richters zagen. Nu Elia naar de hemel gaat, heeft hij de gave van de profetie niet langer nodig. Dus blijft de mantel - als beeld van deze gave - op aarde achter. Het is de mantel waarmee hij vroeger Elisa had aangeraakt, waardoor Elisa wist, dat hij geroepen was om Elisa te volgen.

Vervolgens scheurde Elisa zijn eigen mantel stuk. Tegenwoordig doen Joden dit nog steeds als teken van rouw als een familielid overleden is. Zij scheuren echter niet hun kleren stuk, maar scheuren een speciale naad in. Elisa rouwt als heeft hij een lijfelijke vader verloren.

Het is mogelijk dat Elisa zijn eigen mantel volledig stuk gescheurd heeft. Hij heeft hem immers niet meer nodig. Hij zal nu de profetenmantel van Elia dragen. Hij is niet langer een discipel, een leerling. Hij is nu zelf de leraar en meester geworden. Nu draagt hij de mantel die bij zijn status hoort.

De mantel en de Jordaan

Elisa probeert meteen uit of hij de heilige Geest ontvangen heeft, zoals Elia die bezat. Bij de Jordaan slaat hij het water en roept uit, dat hij komt als opvolger van Elia. "Waar is de God van Elia?" Zal de Jordaan gehoorzaam zijn, zoals de Jordaan gehoorzaam was aan Elia?

Het drinkwater van Jericho

De mensen van de stad zeggen tegen Elisa, dat het heerlijk is om daar te wonen. Ze hebben alleen één probleem: geen goed drinkwater. Er is wel goed drinkwater in de Jordaan maar dat is een eind lopen om het te halen. Jericho ligt op enige afstand van de Jordaan en van de Dode Zee. Hierdoor is het zout van de Dode Zee blijkbaar in de bron van Jericho terechtgekomen en is het water onbruikbaar als drinkwater.

De Bijbel vertelt niet of het slechte drinkwater te maken had met de vloek die Jozua uitgesproken had over de herbouw van de stad. Er staat ook niet, dat de mensen een speciale zonde gedaan hadden waardoor het water van slechte kwaliteit was.

De reiniging van het water was een meervoudig wonder. Zout maakt water ondrinkbaar. Nu maakte het zout het water juist gezond. Het was een zelfde wonder als bij Mozes, die bitter water gezond maakte, door er bitter hout in te werpen.

Er is echter één verschil. Mozes deed het wonder omdat God hem verteld had dit te doen. Elisa deed het, omdat hij wist dat de Geest van God op hem rustte.

Naar Bethel

Elisa vervolgde de reis die hij eerst met Elia gemaakt had, maar nu in omgekeerde richting. In iedere plaats waar hij kwam deed hij een wonder. Er is gedacht over de vraag wie deze jongens waren. Er zijn geleerden, die menen, dat zij de zonen van de Baäl priesters waren. Ze dreven namelijk niet alleen de spot met Elisa, maar ook met Elia, door te zeggen, dat Elisa maar op dezelfde wijze moest vertrekken als Elia gedaan had.
Elisa is boos, dat ze zijn meester bespotten.
Anderen menen, dat deze jongens water haalden uit de Jordaan en dit naar Jericho brachten. Ze zijn nu brodeloos geworden. Gevolg: ze haten Elisa om het door hem verrichte wonder.

Naar de Karmel en Samaria

Elisa bezocht alle plaatsen waar zijn meester geweest was. Zo ging hij als het ware in de voetsporen van zijn meester. Dat is: leren van je meester, van je leraar.

In de sterfkamer van Elisa

2 Koningen 13:14 vermeldt, dat Elisa ziek was en op zijn sterfbed lag. De profeet Elisa had een bijzondere band met koning Joas, de koning van het tienstammen rijk. Hoewel Joas en zijn tijdgenoten veel kritiek ontvangen vanwege hun fouten, waren zij toch mensen die liefde en respect hadden voor Gods profeten. De Bijbel beschrijft iets heel bijzonders: een koning die huilt bij het sterfbed van een man Gods. Joas huilde omdat hij persoonlijk bevriend was met Elisa en omdat heel het volk van de man Gods afhankelijk was en hem niet kon missen. Letterlijk staat er zelfs, dat de koning over (of: boven) het gezicht van de profeet huilde. Het spreekt van een speciale relatie die zij hadden.

De sterfkamer van Elisa staat in schril kontrast met de open vlakte waar vandaan zijn leermeester Elia naar de hemel ging. Zijn leermeester had geen sterfbed gehad. Nu blijkt dat God niet met al Zijn kinderen dezelfde weg gaat. Hij was bij Elia toen Hij hem een vurige wagen zond. Hij was ook bij Elisa, toen deze een gewoon sterfbed had.

Er is ook weer een heel ander kontrast. Bij Elia's heengaan was er een eenvoudige leerling aanwezig: Elisa. Bij Elisa's heengaan is de koning zelf bij hem op bezoek gekomen.

Vaak vragen mensen naar een laatste woord of naar de laatste gesprekken van iemand die gestorven is. Elisa's laatste gesprekken gingen hier niet over de hemel, maar over de politieke situatie en de toekomst van het volk. Sommige mensen zouden het misschien willen afkeuren, dat Elisa op zijn sterfbed zich nog met politieke zaken bezig hield. De Bijbel vermaant Elisa echter niet.

Joas' afscheid van Elisa

Joas noemde Elisa: "Mijn vader, mijn vader! Wagens en ruiters van Israël!" Het zijn dezelfde woorden die Elisa gesproken had, toen Elia ten hemel gevaren was. Zie 2:12.

"Vader" spreekt van de relatie die Elisa en Joas hadden. Elisa was de leraar van de koning. Hij onderwees hem in de woorden van God.

"Wagens en ruiters van Israël" spreekt van de relatie die Elisa had tot het gehele volk. Hij gold als de beschermer van het volk. Door zijn aanwezigheid zorgde God voor het gehele volk.

Het wonder bij Elisa's graf

2 Koningen 13:20,21
Elisa had indertijd een dubbel deel van de geest van Elia ontvangen. Wij zien dit op verschillende manier terug in het leven van Elisa:
Elisa verrichtte twee keer zoveel wonderen als Elia.

Elia wekte er één uit de doden op: de zoon van de weduwe uit Zarfath. Elisa wekte er twee uit de doden op: de zoon van de vrouw uit Sunem en de man uit dit schriftgedeelte. Anderen wijzen op het feit, dat Elisa al tijdens zijn leven twee mensen uit de dood opwekte. De tweede was dan Naäman, een melaatse. Een melaatse gold als een dode. De genezing van een melaatse was als het opwekken van een dode.

Er is een overlevering die zegt, dat de gestorven man de echtgenoot was van de bekende profetes Hulda. Wij kennen haar uit 2 Koningen 22:14 "En de priester Chilkia en Achikam, Akbor, Safan en Asaja gingen naar de profetes Chulda, de vrouw van de klederbewaarder Sallum, de zoon van Tikwa, de zoon van Charchas. Zij nu woonde te Jeruzalem in het nieuwe gedeelte. En zij spraken met haar." Hij was de kledingbewaarder in de tempel of in het paleis. Deze man was één van de grootsten uit zijn tijd. Hij was zeer vroom en grootmoedig. Hij had de gewoonte om aan de poort van de stad te zitten en aan alle reizigers die de stad binnen kwamen drinkwater aan te bieden. Het valt niet meer na te gaan of het echt om deze man ging.

Wat er gebeurde

Volgens de overlevering die zegt dat dit de echtgenoot van Hulda was, was zo ongeveer heel de omgeving uitgelopen om de man te begraven. Iedereen kende hem en iedereen wilde bij zijn begrafenis aanwezig zijn. Op het moment dat men onderweg was naar de plaats waar hij begraven zou worden, kwamen de benden van Moab. De Israëlieten moesten vluchten. Maar wat moesten ze met het lijk doen? Ze konden hem niet meer naar zijn graf brengen. Hem meenemen terwijl zij vluchtten was ook onmogelijk.

Nu was het graf van Elisa daar heel dichtbij. Men rolde snel de steen voor het graf weg en... heel oneerbiedig werd het lijk achtergelaten. Er was geen tijd om hem netjes neer te zetten. Hij werd min of meer naar binnen gegooid.

Nu zegt de Hebreeuwse tekst dat de man "ging" in het graf en met het gebeente van Elisa in aanraking kwam. Dit is een vreemde uitdrukking. Er zijn verschillende meningen. Er zijn geleerden die menen, dat de vloer wat schuin afliep en dat de man vanzelf naar het lichaam van Elisa toerolde. Anderen menen, dat zij niet eens de tijd hadden om hem in het graf te deponeren, maar dat zij hem buiten al achter gelaten hebben en dat hij vanzelf het graf inrolde en daar met het gebeente van Elisa in aanraking kwam. Hoe het precies gebeurd is weten wij niet meer. Wel weten wij dat het een groot wonder was.

Nogmaals de dood van Elisa

"Met pijn ziet de HEER de dood van zijn getrouwen." (Psalm 116:15) Dit is geen goede vertaling. Het is een vertaling die probeert een onbegrijpelijke tekst begrijpelijk te maken. NBG: "Kostbaar is in de ogen des HEREN de dood van Zijn gunstgenoten." S.V.: "Kostelijk is in de ogen des HEEREN de dood Zijner gunstgenoten." Kostelijk/kostbaar is de vertaling van het Hebreeuwse woord jagar. Het heeft meerdere betekenissen: waardevol, kostbaar als edelstenen, dierbaar, prachtig.

Getrouwen of gunstgenoten is de vertaling van een Hebreeuwse woord, dat verwijst naar mensen die heilig en vroom zijn, die trouw en vriendelijk zijn.

Zó kijkt God naar de dood van Zijn kinderen. Het is zo heel anders dan het sterven van een ongelovige. Terwijl de dood een straf op de zonde is, heeft God er toch voor Zijn kinderen iets bijzonders van gemaakt. God kan er met vertedering naar kijken. Dat blijkt uit de beschrijving die de Bijbel enkele keren geeft van opmerkelijke doodsbedden. Mozes en Aäron kregen een kus van God. De arme Lazarus werd door de engelen in Abrahams schoot gedragen. En wij...? Zal onze dood ook eens kostbaar zijn in de ogen van God?