BEGINPAGINA   |   INFORMATIE   |   ARTIKELEN   |   NIEUWS UIT ISRAEL   |   BOEKEN   |   CD'S   |    STUDIES   |   ZOEKEN   |   LINKS

Stichting Het Licht des Levens

 
menu
Online studies beluisteren

Online studies lezen

Internet Bijbel studie

Speciale e-mail studies

Evangelisatie serie
inhoud
printversie
Online studies lezen

De Messias,
  onze betere Hogepriester in een beter Heiligdom

Hebreeën 9 : 11-15

21-10-2001


"Maar Christus, opgetreden als hogepriester der goederen, die gekomen zijn, is door de grotere en meer volmaakte tabernakel, niet met handen gemaakt, dat is, niet van deze schepping, en dat niet met het bloed van bokken en kalveren, maar met zijn eigen bloed eens voor altijd binnengegaan in het heiligdom, waardoor Hij een eeuwige verlossing verwierf. Want als reeds het bloed van bokken en stieren en de besprenging met de as der vaars hen, die verontreinigd zijn, heiligt, zodat zij naar het vlees gereinigd worden, hoeveel te meer zal het bloed van Christus, die door de eeuwige Geest Zichzelf als een smetteloos offer aan God gebracht heeft, ons bewustzijn reinigen van dode werken, om de levende God te dienen? En daarom is Hij de middelaar van een nieuw verbond, opdat, nu Hij de dood had ondergaan, om te bevrijden van de overtredingen onder het eerste verbond, de geroepenen de belofte der eeuwige erfenis ontvangen zouden." (Hebreeën 9:11-15)

Het gaat hier niet over "Jezus" maar over "Christus"

Het eerste waarop wij moeten letten als wij deze verzen lezen is het feit, dat hier niet over "Jezus" gesproken wordt, maar over "Christus", dat is over "de Messias." Hier wordt geschreven aan Joodse christenen, aan Messias- belijdende Joden. Zij worden aangesproken in hun eigen taal en denkwereld. Het gaat in dit schriftgedeelte niet zozeer om Jezus als Persoon, maar om de Here Jezus als Messias. Daar mogen wij niet overheen lezen. Dat betekent ook, dat wij moeten letten op wat onze Heer als "Messias" gedaan heeft en niet op wat Hij als "de Here Jezus" gedaan heeft.

Het tweede waarop wij moeten letten, is het feit, dat hier een Joodse uitdrukking gebruikt wordt, die christenen niet kennen. In vers 11 staat: "Maar Christus, opgetreden als hogepriester der goederen, die gekomen zijn..." In het Grieks staat het anders. Hier staat, dat "Christus gekomen is van de zullende zijn". De Statenvertaling heeft al geprobeerd dit wat duidelijker te vertalen en zegt hier, dat Christus de hogepriester is "der toekomende goederen". Opmerkelijk is, dat zowel de Nieuwe Vertaling als de Statenvertaling het woordje "goederen" toevoegen, terwijl dit woord in het Grieks niet voorkomt. Als wij dit woord "goederen" uit de Statenvertaling weglaten, hebben wij een goede Joodse gedachte. Er staat dan, dat Christus gekomen is als hogepriester "van het toekomende" of "van het toekomstige". Wat wordt hier bedoeld? Hier wordt de Joodse "toekomende wereld" bedoeld. Dat is de tijd die komt na de tijd waarin wij nu leven; de volgende periode van de wereldgeschiedenis, die de Bijbel beschrijft als het Messiaanse rijk. De Here Jezus wordt ons dus hier gepresenteerd als de Messias van het toekomstige Messiaanse rijk.

Voor de christenen is "de hemel" de toekomstige wereld, voor de Joden is het Messiaanse rijk de toekomende wereld. Als je dit vers op jezelf als gelovige uit de heidenwereld wilt toepassen, mag je ook zeggen, dat de Here Jezus ons hier gepresenteerd wordt als de hogepriester van de hemel, die ook wij eenmaal zullen binnengaan.

In de hemel - zo wordt ons in deze verzen getoond - is de Here Jezus eens het heiligdom binnengegaan en wij zullen Hem daar eens ontmoeten. Dit betekent niet, dat ook wij straks dit heiligdom zullen binnenwandelen. In sommige liederen zingen christenen, dat zij de voorhang voorbij gaan en dat zij nu dus het hemelse Heilige der Heiligen binnenwandelen. Dit is zeer aanmatigend en hoogmoedig, zeer ongepast en ongeestelijk. Deze christenen menen, dat zij dit kunnen zingen, omdat wij als gelovigen ook allemaal priesters zijn. En, zo zeggen zij, de voorhang is gescheurd, dus is de toegang vrij en mogen wij binnenkomen. Zij vergeten, dat het scheuren van de voorhang niet betekende, dat priesters en andere mensen het Heilige der Heiligen kunnen binnengaan, maar dat het betekende, dat Jezus als one grote hogepriester nu het hemelse Heilige der Heiligen kon binnengaan om daar met Zijn eigen bloed verzoening voor ons te bewerken.

Daarom vertellen deze verzen uit de Hebreeënbrief ons ook niet, dat wij nu het hemels heiligdom mogen betreden - zoiets lezen wij trouwens nergens in de Bijbel, het is een door mensen getrokken conclusie - maar dat de Here Jezus deze betrad.

Alles is beter

In deze verzen worden wij bepaald bij verschillende zaken, die tegenover elkaar gesteld worden. Het gaat erom, dat wij het verschil tussen de een en de ander zien. Wij zien:

Er was in de tijd van het Oude Testament sprake van een woning van God op aarde: eerst de tabernakel, later de tempel. Er is echter ook sprake van een woning van God in de hemel. Deze woning in de hemel is veel beter en mooier dan het aardse heiligdom was, ook al was het in de tijd van de Here Jezus bijzonder mooi. Het hemels heiligdom is groter, beter en volmaakter. Het is niet door mensenhanden gemaakt en ook niet met aardse materialen. Het is ook niet een kopie van het heiligdom op aarde. In de hemel is het origineel. De tabernakel was daarvan een kopie (8:5; 9:24; 10:1).

Toen de Here Jezus op aarde was, was Hij daar als de Messias. De Messias zou een dubbele functie hebben: een koninklijke functie, als Zoon van David, maar ook een priesterlijke functie, als hogepriester. Hoewel dit wat afkomst betreft niet kon, je kon niet gelijktijdig uit de stam van Juda en uit de stam van Levi komen, bleek deze mogelijkheid volgens de rabbijnen wel open te liggen voor de Messias. De Messias zou weliswaar uit de stam van Juda komen, maar als door God gezonden Messias ook toegang hebben tot de tempel en daar zelfs als enige op een stoel mogen zitten. In de tempel zou Hij de functie van hoogste priester bekleden. Toen Jezus op aarde was, heeft deze mogelijkheid nooit voor Hem open gelegen. Hij was uit de stam van Juda, maar maakte Zich niet openlijk bekend als Messias en kreeg geen toegang tot het Heilige en het Heilige der Heiligen van de tempelgebouwen. Maar nu Hij in de hemel is, geniet Hij vrije toegang om overal te komen waar Hij wil. De gehele hemelse tempel ligt voor Hem open. Er is geen vertrek in de hemelse tempel waar Hij niet komen mag.

Toen Hij na Zijn lijden en sterven de hemel binnenging, ging Hij eens op een bepaalde manier het heiligdom binnen. Op deze manier deed Hij dat later nooit meer. Daarom wordt deze keer "eens en voor altijd" genoemd (:12, zie ook :25-28 en 10:10-18).

Toen Hij die ene bijzondere keer de hemel binnenging, was dit de vervulling van de jaarlijkse grote verzoendag. Jezus was nu de vervulling van de hogepriester, die ieder jaar op grote verzoendag het Heilige der Heiligen binnenging. Deze aardse hogepriester was echter een gewoon mens. Daarom werden er verschillende maatregelen getroffen:

In de eerste plaats werd er rekening gehouden met het feit, dat de hogepriester een zondig en sterfelijk mens was en daardoor op het laatste ogenblik niet in staat zou zijn om het heiligdom binnen te gaan. Hij kon ziek worden. Hij kon sterven. Hij kon zondigen of onrein worden en daardoor ongeschikt zijn voor deze taak. Daarom was er altijd een tweede man, die als mogelijke vervanger van de hogepriester "stand by" stond.

In de tweede plaats moest er rekening gehouden worden met het feit, dat de hogepriester net zo'n gewoon mens was als de andere mensen. Zoals de andere mensen de grote verzoendag nodig hadden om verzoening te krijgen voor de zonden van een heel jaar, zo had de hogepriester dit ook. Maar de hogepriester moest het Heilige der Heiligen binnengaan op het moment, dat die verzoening nog niet bereikt was. Daarom moest de hogepriester een speciaal offer voor zichzelf brengen, opdat hij geschikt zou zijn, dus rein zou zijn, om het Heilige der Heilige te kunnen binnengaan. Op grond van het offer dat speciaal voor hem gebracht werd, kon hij het Heilige der Heiligen binnengaan.

"Dan zal Aaron de stier van zijn eigen zondoffer brengen en verzoening doen voor zich en zijn huis; hij zal de stier van zijn eigen zondoffer slachten. En hij zal een pan vol gloeiende kolen van het altaar voor het aangezicht des HEREN nemen en zijn handen vullen met fijngestoten welriekend reukwerk en dat alles brengen binnen het voorhangsel. Dan zal hij het reukwerk op het vuur leggen voor het aangezicht des HEREN, zodat de wolk van het reukwerk het verzoendeksel dat op de getuigenis ligt, bedekt, opdat hij niet sterve. Dan zal hij een deel van het bloed van de stier nemen en dat met zijn vinger sprenkelen op het verzoendeksel, aan de voorzijde; en voor het verzoendeksel zal hij zevenmaal dat bloed met zijn vinger sprenkelen. Dan zal hij de bok van het zondoffer, voor het volk bestemd, slachten en zijn bloed naar binnen, achter het voorhangsel brengen, en met dat bloed doen, zoals hij met het bloed van de stier gedaan heeft: hij zal het op het verzoendeksel en voor het verzoendeksel sprenkelen." (Leviticus 16:11-15)

Eigenlijk is er nog iets. Velen menen, dat de hogepriester op de grote verzoendag al het verzoeningswerk alleen deed. Dat is een christelijk misverstand. Er was namelijk nog iemand die deze dag moest meewerken om de verzoening tot stand te brengen. Dat was een man, die precies het tegenovergestelde was van de reine hogepriester. Het was de man die de bok naar de woestijn moest brengen. De overlevering vertelt, dat er met deze man steeds iets verschrikkelijks gebeurde. Wij komen terug op deze man, als wij de grote verzoendag bestuderen. Wel willen wij er nu reeds op wijzen, dat deze man en de hogepriester met elkaar op de grote verzoendag de verzoening bewerkten, en dat zij beiden een compleet van het werk van de Here Jezus laten zien. Als één van beide mannen zijn dienst op de grote verzoendag niet naar behoren verrichtte, was er geen verzoening. Dit moeten wij goed zien als het gaat om de verzoening door de Here Jezus.

De Here Jezus is de vervulling van die ene man: Hij nam de zonde weg toen Hij hing aan het kruis op Golgotha. Maar... Golgotha betekent geen echte, geen complete verzoening. De Here Jezus is ook de vervulling van de hogepriester: Hij is met Zijn eigen bloed het hemels heiligdom binnengegaan om voor ons een eeuwige verlossing te bewerken. Het kruis-alleen bracht ons geen verzoening. Het kruis tezamen met het bloed in de hemel bracht ons verzoening. Wij zijn niet vezoend door enkele druppels bloed die mogelijk vanaf het kruis op de grond vielen. Niet het bloed dat op de grond viel bracht ons verzoening, maar het bloed dat in het hemels heiligdom gebracht werd. De Hebreeënbrief zegt, dat de Here Jezus "met zijn eigen bloed eens voor altijd is binnengegaan in het heiligdom, waardoor Hij een eeuwige verlossing verwierf." Terwijl wij vaak (en terecht!) over het kruis spreken, spreekt het Nieuwe Testament juist over het bloed in het hemels heiligdom en over de opstanding van de Here Jezus!

Nu de Here Jezus het hemelse heiligdom binnenging, ging er niet een zondig mens het heiligdom binnen, maar ging de reine Zoon van God. Er hoefde voor Hem niet eerst een offer gebracht te worden en ook hoefde er geen invaller "stand-by" te staan.

De hogepriester ging op de grote verzoendag met het bloed van een stier naar het heiligdom om verzoening voor zijn eigen zonden te krijgen. Hij werd met de as van de vaars gereinigd om geschikt te zijn om voor God te verschijnen. En hij ging met het bloed van de bok naar binnen om verzoening te doen voor het volk (:12,13). De Here Jezus had al die rituelen niet nodig. Hij werd niet ontzondigd met het reinigingswater van de dode vaars. Hij bracht niet eerst een offer voor Zichzelf. Ook kwam Hij niet met het bloed van een bok voor het aangezicht van God. Hij kwam met Zijn eigen bloed! Normaal gesproken zou het een grote verontreiniging van de hemel zijn geweest, als de Here Jezus met het bloed van een zondig mens de hemel zou zijn binnengegaan. Nu het om Zijn eigen bloed ging, was het een offer dat voor God volkomen acceptabel was.

Toen de Here Jezus het hemels heiligdom binnenging, droeg Hij als het ware net als de hogepriester een speciale "kroon". Op de kroon van de hogepriester stond: "De HERE heilig". Het was het teken en zegel, dat hij de door God geaccepteerde hogepriester was. De hogepriester mocht deze kroon echter niet dragen op de grote verzoendag in het Heilige der Heiligen. De Here Jezus droeg nu ook een kroon. Een heel bijzondere "kroon": de Heilige Geest (:14). De Heilige Geest was het teken en zegel, het waarmerk, dat Jezus door God aanvaard werd.

Wat een wondere gedachte hebben wij hier: a. De Heer heeft ons de Heilige Geest gegeven als teken en zegel, dat wij echt kinderen van God zijn en dus eeuwig behouden zijn. "In Hem zijt ook gij, nadat gij het woord der waarheid, het evangelie uwer behoudenis, hebt gehoord; in Hem zijt gij, toen gij gelovig werdt, ook verzegeld met de Heilige Geest der belofte, die een onderpand is van onze erfenis, tot verlossing van het volk, dat Hij Zich verworven heeft, tot lof zijner heerlijkheid." (Ephese 1:13,14)

God had de Here Jezus de Heilige Geest gegeven als teken en zegel, dat Hij bij het brengen van Zijn offer volkomen aanvaardbaar was voor God. De Heilige Geest bewees, dat het offer van de Here Jezus door God de Vader aanvaard is.

Het "resultaat" was onvoorstelbaar. Vijftienhonderd jaar lang waren de mensen bepaald bij een jaarlijks ritueel, waarbij het bloed van een dier verzoening voor hun zonden teweegbrengen moest, terwijl zij een "beperkte" reiniging kregen: een reiniging "naar het vlees" (:13). Dat wil zeggen, dat de reiniging die zij in al die jaren kregen slechts een reiniging van "de buitenkant van de schotel" was. De "binnenkant" werd niet gereinigd. Geen mens werd in al die jaren in zijn hart veranderd. Geen mens werd een nieuwe schepping. Geen mens werd echt wederom geboren. Ja, bij de doop door onderdompeling in het mikwe heette het, dat men wedergeboren was, maar het was een wedergeboorte aan de buitenkant, een wedergeboorte door water. Nu bij de Here Jezus worden mensen wedergeboren door de Heilige Geest, niet slechts door water. Het water was niet verkeerd en het onderdompelen in het mikwe was niet af te keuren. Het was door God Zelf ingesteld. Maar bij de komst van de Here Jezus is er een nieuwe dimensie aan toegevoegd. Daarom heet het nu niet meer, dat wij door water alleen wedergeboren worden, maar door water en Geest. Het water reinigt de buitenkant, maar wij moeten ook geestelijk aan de binnenkant gereinigd worden. Ons hart moet veranderen. "Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand geboren wordt uit water en Geest, kan hij het Koninkrijk Gods niet binnengaan. Wat uit het vlees geboren is, is vlees, en wat uit de Geest geboren is, is geest." (Johannes 3:5,6)

Wát een bijzonder resultaat is er nu: Ons bewustzijn is gereinigd. Wij zijn innerlijk gereinigd, zodat wij niet meer onderweg zijn om dode werken te doen. Dit betekent niet, dat de goede werken voor ons afgeschaft zijn. Paulus zegt in Ephese 2:8-10, dat ons geloofsleven gekenmerkt moet worden door goede werken. "Want door genade zijt gij behouden, door het geloof, en dat niet uit uzelf: het is een gave van God; niet uit werken, opdat niemand roeme. Want Zijn maaksel zijn wij, in Christus Jezus geschapen om goede werken te doen, die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen." Doet u goede werken? Wanneer en welke goede werken doet u? De Hebreeënbrief wijst ons er hier op, dat goede werken niet meewerken tot je zaligheid. Als je ze tot je redding wilt laten meewerken, zullen ze juist je geestelijke dood, je verlorenheid bewerken. Dan zijn het "dode werken", zo zegt Hebreeën 6:1. Dan zijn het werken die tot je geestelijk dood leiden. Dan zijn het werken, die je niet zalig maken, maar juist - omdat je op ze vertrouwt - je ondergang bewerken. Alleen door de Here Jezus Zelf kunnen wij komen tot een leven dat dienstbaar en aanvaardbaar is voor God (:14).

De Here Jezus deed eens een heel groot en goed werk voor ons. Nu komt de vraag naar ons toe: wel goede werk doen wij nu voor de Here Jezus?


BEGINPAGINA | INFORMATIE | ARTIKELEN | NIEUWS UIT ISRAEL | BOEKEN | CD'S | STUDIES | ZOEKEN | LINKS
© Copyright 2001-2010 Stichting Het Licht des Levens